LUIZEN BIJ HUISDIEREN

Bijna alle dieren kunnen besmet worden met luizen. Het vaakst komen luizen echter voor bij niet goed verzorgde (jonge) dieren. De symptomen zijn jeuk en huidbeschadigingen. Deze lijken veel op de symptomen van een vlooienallergie, maar luizen komen veel minder vaak voor dan vlooien. Er zijn veel soorten luizen. We maken bij honden en katten onderscheid tussen twee soorten: bijtende luizen en zuigende luizen. De zogenaamde bijtende luis voedt zich met huidschilfers en huist permanent in de vacht van het huisdier. De meest voorkomende zijn Trichodectes canis (bij de hond) en Felicola subrostratus (bij de kat). De zuigende luis zuigt bloed of weefselvloeistof. Deze Linognathus setosus is zeldzaam en wordt alleen aangetroffen bij de hond. In een netenkammetje of fijne vlooienkam zijn luizen met het blote oog te zien. Het zijn bleke, witte diertjes, soms wat blauwgrijs tot bruin van een paar millimeter lengte. De eitjes (neten), zijn wit en plakken aan de haren vast waaruit zich na 5 tot 20 dagen een larve (een soort ‘miniluisje’) ontwikkelt, die zich na 3 tot 5 vervellingen een volwassen luis ontwikkeld. De totale levenscyclus duurt 2-3 weken.

 

Symptomen van luizen bij hond of kat

Sommige huisdieren hebben luizen zonder er last van te hebben. Echter, meestal openbaart 1 of meerdere van de onderstaande symptomen zich. Dit kan een indicatie zijn dat uw huisdier last heeft van luizen.

  • Jeuk, het dier zal zich gaan krabben en wordt onrustig. Door het vele krabben kunnen grote huiddelen beschadigen en daarmee wordt de kans op infecties, ontstekingen en huiduitslag vergroot.
  • Een muffe lucht in de vacht.
  • Seborroe Anemie (bloedarmoede door een ernstige besmetting met zuigende luizen).
  • Andere symptomen die de hond zelf veroorzaakt om van de irritatie af te komen, bijvoorbeeld Miliaire Dermatitis.
  • Een hond of kat met veel jeuk vertoont al snel symptomen als krab- en bijtwonden.